Grote beurt 2: Fysio

by bobsbrains

Onderzoek heeft uitgewezen dat vrouwen op klootzakken vallen. Bij voorkeur niet om als bejaarde mee te eindigen op een gepersonifieerd bankje in een idyllisch park, noch als vader van je toekomstige bloedjes van kinderen. Maar des te meer als smakelijk tussendoortje, als alles wat niet in een verantwoord dieet thuishoort.

Mijn eigen voorkeur ligt daar niet. Zij gaat uit naar de Robuuste Stoïcijn, de heerlijk ruwe diamant. Niet eens zozeer om iets sappigs mee uit te halen (nog los van het feit dat ik getrouwd ben en dit dus niet heel snel zwart op wit zou stellen). Eerder om op gepaste afstand te bewonderen. Ware rillingen lopen langs mijn rug als de man in kwestie me na drie jaar vriendelijk groeten en allerliefst glimlachen mijnerzijds nog steeds geen blik waardig gunt, of, beter nog, tot op het bot afkraakt met een enkel woord [“Goedemorgen!” “Volgens wie?”].  SM light zeg maar.

Onderscheid kan vervolgens worden gemaakt tussen verschillende provincies. Zo is er de stoïcijnse Mercedesmonteur uit het Zuiden des lands die me met zijn zachte G steevast laat trillen op mijn heerlijk onzekere grondvesten. Verder de Groningse Stoïcijn, niet met één voorbeeld te beschrijven, want extravert zijn in het Noorden is de uitzondering. Mijn favoriet is momenteel de Haagsche Stoïcijn, vanwege de droge humor, vermengd met het accent. En binnen die categorie, sinds het moment waarop ik hem opbelde voor onze eerste afspraak met stip op één, mijn Fysiotherapeut. Met mijn nimmer aflatende enthousiasme –en ietwat zenuwachtig dus te veel en snel pratend- belde ik de voormalig professioneel rugbyer op met de mededeling dat ik last had van mijn rug, en te veel zinnen later dat ik graag een afspraak wilde maken. Doodse stilte aan de andere kant van de lijn. “Hallo?” “Ja.” [waarop het tot me doordrong dat ik er weer één te pakken had en innerlijk kirde van verlekkering]

“Aanstaande maandag, 14:30. Anders over drie weken.” Naarstig blokkeerde ik de onmogelijke tijd in mijn agenda en zei zo nonchalant mogelijk dat dat –“uiteraard!”- geen enkel probleem was. Mijn poging tot een gezellige afsluiting  werd vervolgens in  de kiem gesmoord door de klik van de hoorn. I just love it when a man talks dirty to me.

Als we tijdens onze eerste ontmoeting tien woorden hebben gewisseld is het veel, waarbinnen hij me ook nog eens bruut wist af te kappen (“Dat heb je al gezegd”). Ondertussen kraakten zijn grote –robuuste!- handen wel mijn pijnlijke nek en kronkelde ik tot zijn zichtbare ergernis hard giechelend over de bank toen hij een lachbotje raakte.

Twee opeenvolgende keren liet ik mij dit ritueel welgevallen. Daarna besloot ik echter te doen wat mijn wederhelft mij al jaren aanraadt; strijden met gelijke wapens. Bij hem werkt dat uitstekend. Ik heb me daar echter nog nooit aan durven wagen, onder het motto dat je ook niet moet trachten humoristisch te zijn als je weet dat je daar geen aanleg voor hebt.  Maar deze keer was ik er klaar voor.

Hij: “ Morgen.”

“Morgen.”

“Alles goed?”

“Mhm.”

“Hoe bedoel je?”

“Beter. ”

“Dan wat?”

“ Vorige keer” [“Lijkt me evident”, wilde ik toevoegen maar zo dapper bleek ik nou ook weer niet]

“Ok, ga dan maar liggen, even kijken hoe je ervoor staat.”

Zwijgend plof ik neer.

En dan gebeurt het. Als door een wonder keert het tij en maakt hij ineens een grapje. Ik reageer quasi achteloos en laat slechts een glimlach los (die hij bovendien nooit kan zien omdat ik met mijn gepoederde hoofd in een gat lig, op een keukenpapiertje dat zo meteen dus onder de rouge zit en verraadt dat ik geen natural beauty ben).

Daarop begint  hij spontaan een gesprekje van meer dan vijf woorden!! Nadat hij meerdere data aan me heeft voorgesteld waarop ik bij hem terecht kan –“heb je een voorkeur voor vroeg of laat?”- zegt hij me vriendelijk gedag terwijl ik inwendig vrolijk de praktijk verlaat.

Maar eenmaal op de fiets slaat mijn bui om, als ik ruw word geconfronteerd met de keerzijde van mijn zege: datgene wat voor het oprapen lag heb ik eigenhandig vernietigd! Wat een deceptie, mijn robuuste snackje is niet meer, achteloos verorberd als een Febo frikadel, terwijl het echte genieten nog moest beginnen. Mijn rugpijn is spontaan verdwenen.