Een beetje vreemd

by bobsbrains

De deur valt met een harde klap dicht. Volstrekt op de tast bereik ik het lichtknopje en draai aansluitend het slot van de deur om. Mijn ogen knipperen tegen het harde licht van de TL buizen. In de hoek van de benauwende bezemkast een ijskast die in de jaren zeventig ongetwijfeld al tweedehands op de kop is getikt. Grijze stekker mistroostig over het vergeelde plastic van het werkloze apparaat. Erboven een whiteboard met daarop drie namen van, ongetwijfeld, de kinderen. De meest recente stamt uit 2011. Een marker lijkt me te smeken om haar naam er ook op te zetten, maar ik peins er niet over om de reputatie van het kleine mensje nu al te bezoedelen. Hoewel het voelt als een geheim pact dat daar op dat bord is gesloten en ik secondenlang een gevoel van verbondenheid met de moeders achter die namen voel, overwint de weerstand. Rechts van mij een wasbak met twee koude kranen en in de hoek een smoezelige stoffen bureaustoel.

Ik ontbloot met klamme vingers mijn bovenlijf terwijl ik de losse stukken van het apparaat gehaast in elkaar zet. Vluchtig bedien ik de knoppen van het apparaat. Dat begint direct zo hard te loeien dat de gehele mannelijke kantoortuin buiten de muren ongetwijfeld onmiddellijk op scherp staat. Ik bekijk de foto’s van mijn allerliefste dochter alsof ik clandestien porno kijk onder werktijd. Ik tel de minuten en ben gefixeerd op het geluid dat ieder moment harder lijkt te worden, terwijl ik mezelf vermanend toespreek mij te concentreren op de productie. Focus op de foto’s. Elf zenuwslopende minuten later knoop ik zorgvuldig mijn bloesje weer dicht en spoel de attributen schoon zoals een moordenaar belastend materiaal. En dan eindelijk durf ik het resultaat te aanschouwen. Niet zonder trots bewonder ik de ruime hoeveelheid wit goud, de enige reden voor deze zelfopgelegde ellende. Tegenstrijdigheid met de hoofdletter T.

Mijn laatste wapenfeit, de ruimte verlaten zonder gezien te worden, mislukt jammerlijk. Nieuwsgierig word ik aanschouwd door een andere vrouw die net de wc inloopt terwijl ik krampachtig de deur sluit van de “kolfkamer”, zoals het stickertje naast de deur keurig vermeldt. Daaronder, een ijzeren plaatje met daarop een emmer en bezem. “Mag ik even binnenkijken?” vraagt zij giechelig. “Ik heb me altijd al afgevraagd hoe een oud schoonmaakhok voor jonge moeders eruit zou zien.”