Dansen op woensdag

by bobsbrains

Haar ene hand omklemt twee grote boodschappentassen die al meerdere malen van eigenaar zijn gewisseld. Net als de schoenen. Een versleten broekspijp betast natte tegels. Mannenjas te ruim om haar heen. De andere grist iets uit de container met bouwafval en de schim schuifelt verder. Een oncomfortabel gevoel van schaamte maakt zich meester van mijn gemoed. Geld kan simpelweg nu niet een onderwerp van onvrede zijn. Parttime werken. Twijfel daarover had geen plaats. Maar eerlijk sentiment dringt zich soms op en gebiedt te zeggen dat het slikken is, van “double income no kids” naar “triple outflow, no kidding”. Verpletterd worden ze nu, sentimenten over de tijden van financiële weleer.

Hoefde ik voorheen niet origineel te zijn, nu bij uitstek. Mijn ooit achteloos aangeschafte schoenen poets ik zes keer op voor ze te dragen, aankopen van destijds gekoesterd als verloren kinderen. De allerminst dinkitoy leaseauto vervloek ik vanwege de bijtelling. [Mijn dappere uitroep dat ik het blok aan mijn been dan maar zou inruilen ontketende een lachsalvo bij mijn baas. Minstens zo smakelijk als het mijne toen ik mijn ziel verkocht bij het aangaan van de leaseovereenkomst.] Een materieel luizenleven ligt dus te grabbel. Wennen.

Het weinige geluid in mijn auto is verstomd en ik staar naar de vrouw vanaf mijn comfortabele halfduistere plek. Automatisch steek ik mijn arm naar achteren. Ik wrijf over het warme handje dat slap uit het zitje naar beneden hangt. De ruimte nu gevuld met onschuldig zuchten zoals alleen een kind dat kan. Financieel aanpassen, uiteraard. Maar, wennen? Enkel aan de containers tijd die ik in ruil heb ontvangen. De zee van vierentwintig uur, onbetaalbaar. Waarin ik mijn dochter uitvoerig volg in haar ontdekkingsreis op deze wonderlijke plek. Waarin tijd nog geen naam heeft, mensen geen ruwe harten dragen en je moeder degene is die met je door de kamer danst. Op woensdag.