Kralenkettingwinkel (deel 1)

by bobsbrains

Mam, kan je even “kralenkettingwinkel” op dit briefje schrijven. We gaan deze kettingen verkopen. Van het geld kopen we een iPad!

Zondagmorgen. De standaard buitenkleur is twee grijstinten donkerder dan het tijdstip van de dag doet vermoeden. Het giet. De hond steekt onwillig zijn kont uit de deur om zijn behoefte te doen maar had het liefst ook die keutel ingetrokken. Verder geen hond te zien.

Ik slik mijn bezwaren in en maak mezelf toeschouwer. Gratis college ondernemen voor beginners.

Het briefje schrijf ik, maar aanvullende verzoeken -het opstellen van een tafel, droogmaken van stoelen, ja zelfs het sjacheren van kopers- houd ik af en verdwijn uit het zicht.

De meisjes zijn vandaag net zo veranderlijk als het weer. Irritatie en onrust nemen al gauw de overhand. “Waarom is het zo stil op straat?” vragen ze zich hardop en doorweekt af. Ze kijken kritisch naar het aftandse plastic bakje dat als tafel dienst doet. Broertje steekt zijn hoofd om de hoek en vraagt of hij mag meedoen. De meisjes grijpen hun kans. “Er ligt te weinig! Schalk blijf hier, wij halen meer.” Twee minuten later verschijnen ze tevreden met tekeningen die het verdienen om in de teruggekeerde regen te verpieteren. Dikke druppels veranderen vogels en draken in pessimistische zwarte vlekken.

Ook de rest van het waar -goedkope sleutelhanger en half opgemaakt stickervel verpietert. Van juwelenzaak naar uitdragerij. De koek is op maar de wens niet. “Wij gaan een rondje lopen. Schalk, jij blijft bij de winkel en vraagt aan iedereen of ze wat willen kopen“. Vol goede moed ijsbeert de vierjarige zelfstandig voor de winkel heen en weer, de verlaten straat afspeurend op zoek naar klandizie. Als er een hardloper voorbij rent mompelt hij in zichzelf. “Die kan toch even stoppen. Als ze nog een keer voorbijrent vraag ik het haar.

Ik verdwijn even naar boven en sla vanuit het raam mijn zoon gade terwijl hij zijn verkooppraatje houdt tegen een oudere vrouw met kinderwagen. Ze doet glimlachend haar beklag over de hoogte van de prijs voor een stickervel. “Vijf Euro is wel wat veel jongeman!“. Hij houdt zijn poot stijf, zij zegt vriendelijk dat ze er nog een rondje over nadenkt. Een nieuw potentieel slachtoffer passeert. De man geeft warempel één Euro voor een sleutelhanger en laat die met een knipoog liggen “tot een volgende keer”. Schalk glimt van trots. Als ik vertel hem dat hij de Euro niet hoeft te delen omdat de sleutelhanger niet van de meisjes was en hij al het werk heeft gedaan, barst hij uit zijn voegen van blijdschap.

Tegen de tijd dat de winkel moet worden opgedoekt komen de meisjes de hoek om. Ze zijn verontwaardigd over het misgelopen fortuin. De lol is eraf. Op de valreep passeert er nog een koper en krijgen zij een muntje. En ieder een boek. Maar je ziet aan de gezichten: dit is geen iPad.