Dag 281, dág 2020

Derek Sivers heeft een “What I’m doing now” webpagina. Een pagina waarop staat waar hij nu of circa nu mee bezig is. Zonder opsmuk. Het lezen ervan bezorgt me een gevoel van nabijheid en familiariteit.

De titel van deze blog doet iets vergelijkbaars vermoeden. Op het moment van schrijven van deze blogpost is dag 281 echter nog science fiction. Nu? Dag 280 van de dagen waarop ik achtereenvolgens een dagboek bijhield.

15 maart 2020 [Whatsapp] – Jacob Jan [waarom hier geen papa verschijnt is me een raadsel]:

Ideetje: houd een dagboekje bij. Ook voor de kinderen. 💋😷

16.3.20 – dag 1 (week 1 schoolvrij), maandag

(…) Bizar, onwerkelijk. Voor kinderen ook intens. (…)

Goede toespraak Rutte, 19:00 (“Voor het eerst sinds Den Uyl tijdens de oliecrisis weer zo’n toespraak”). (…)

Vandaag: uitgebreid naar de Watertoren, met Akó [oma], 1.5 meter afstand. ‘S middags: tv, Uno, opgeruimd, knutselhoek opnieuw ingericht. Makkelijk is het thuisonderwijs nog niet, wel leuk om te doen;) Jammer van de nare bijsmaak.

23.3.20 – dag 8 (week 2), maandag

Deze week strakker ritme. Hebben besloten dat kinderen daar beter bij varen. (…). Ijzig koud maar prachtig weer. (…). Ik focus moeizaam. Afwijzing ontvangen. Sollicitaties on hold. (…) Ik hoor kinderen door babyfoon en ruik cupcakes. 11:30.

24.3.20 – dag 9, dinsdag

Tessa kreeg vandaag een begrijpelijke meltdown toen ze naar buiten ging en ik haar terugfloot: “Stomme Corona! Ik heb echt geen snottebel meer!!

(…)

Blijft het deze kant op gaan dan doet NL het goed en zijn we mogelijk toch echt rond 6 april van deze lockdown af. Petje af.

(…)

15.12.20 – dag 265, dinsdag

1e dag 2e lockdown. Daar gaan we weer. Tessa zei laatst: Begin maar met het slechte nieuws. Na het goede nieuws ben ik dat zo weer vergeten.

Tijdens het hardlopen gestopt om te schrijven. Wilde liever stampen en aldoor gillen NEE! [Ook nu: Annie!]

Ik baal ervan dat mijn nuchterheid nu in mijn zwakke blaas zit en dus geen lang leven beschoren is.

Ik baal ervan dat ik die alles heeft baal

Ik baal van het niet bijdragen

Ik baal van relativeren en gebeiteld glimlachen

Ik baal van het balen

Zo. Dat gillen lucht op.

En zo verder en zo voort blijft ze tikken, de tijd. Ze sleept ons voort. In haar kielzog Corona, hoop, zorgen, uitstelgedrag, kinderen met groeistuipen, stuntelige pogingen het leven eronder te krijgen en te boven te komen.

Vandaag blader ik voor het eerst terug. Geen reconstructie. Eerder een subjectieve projectie van een volstrekt absurde periode. Waarin ik de ene dag de vrijheid nam het wereldnieuws buiten te sluiten en de volgende dag uitvoerig persberichten citeerde.

Mijn dagboek en het schrijfproces ervan doet me denken aan een uitspraak van Philip Glass in zijn memoire “Words without music”. Een boek dat ik dit jaar tijdens vele wandelingen met Hond heb geluisterd en weg van was.

“Openings and closings, beginnings and endings. Everything in between passes as quickly as the blink of an eye. An eternity precedes the opening and another, if not the same, follows the closing. Somehow everything that lies in between seems for a moment more vivid. What is real to us becomes forgotten, and what we don’t understand will be forgotten, too.” 

“What is real to us becomes forgotten.” Gaandeweg deze tweehonderdtachtig dagen voelde ik sterk de behoefte om vast te leggen teneinde niet te vergeten. Wetend dat de voornaamste herinneringen al wegsijpelden tijdens het schrijven. De geur van onschuldige kinderadem als ik ‘s nachts de slaapkamer binnenstap. Interpuncties af te lezen aan gezichten tijdens moeilijke gesprekken. Wetend dat herinneringen die ik hardnekkig door het afvoerputje blijf duwen, ook onbeschreven blijven doorzoemen.

Als dag 281 eindigt met een knal dan schalt het door de luidsprekers. Zo niet dan laten we hem vliegen zodat de nuances spoedig vergeten zullen zijn.